15-03-07

De lente is in het land

Het prille lentezonnetje schijnt haar eerste stralen over ons.

De flora herleeft terug, de knoppen komen aan de bomen en struiken. Zelfs de paasbloemen stellen fier hun pracht tentoon.

Vogels brengen hun beste lied ten beste.

Ik hoor ze kwetteren en fluiten op de achtergrond, een serenade aan het leven.

De natuur trekt zichzelf terug op gang na een winterslaap.

Zo lijkt het tenminste voor ons, in de winter lijkt alles dood, maar ondertussen is de natuur zich aan het voorbereiden op het volgende seizoen, de lente.

 

Terwijl ik dit allemaal bedenk, vrolijk fietsend en van het voorjaarszonnetje aan het genietend, worden deze mooie gedachten tot niets herleid door een geroep.

 

Eerst weet ik niet waar het vandaan komt, maar als ik nog is goed luister, kan ik het geluid lokaliseren. Het is een stem, een mannenstem. Hij schreeuwt: “Uit de weg!” Nog is, “Uit de weg!”

 

Voor ik het wist, zat ik met het wiel van mijn fiets in het gras, maar nog was dit niet genoeg plaats voor die terrorist.

Hij blijft maar schreeuwen: “Uit de weg!” Er komen zelfs enkele scheldwoorden bij te kijken, die ik hier niet zal neerschrijven. Ik wil me immers niet tot dezelfde standaard verlagen.

 

Op dat moment weiger ik van deze ruwe woorden te negeren en mij als een slapjanus naar de kant te laten verdringen.

Stoer antwoord ik: “De fietsbaan is van iedereen!”

Hemeltje lief, wat een comeback van Meneer de Onbeschofterik, hij scheldt mij uit voor het allerlaagste dat hij kan bedenken, een vuil scheldwoord in het dialect.

 

Ik besluit van mijn rechtmatige plaats op het fietspad weer in te nemen. Hoffelijk blijf ik langs de rechterkant van het pad fietsen, genoeg ruimte latend voor Meneer de Onbeschofterik om mij zonder hinder voorbij te fietsen.

 

Voor ik het weet, scheurt er een felgekleurd personage voorbij op een bijpassende fiets met een futuristisch uitziende helm op zijn hoofd die naar mijn mening niet zou weerstaan in een of andere sciencefiction film.

 

Daar zijn ze weer, zucht ik, de wielerterroristen.

 

Ze komen weer te voorschijn, die arrogante en bijtijds zelfs agressieve wielerterroristen.

Ze scheuren over de baan alsof die van hen is.

In plaats van het fietspad te gebruiken, zoals het hoort als brave fietsers, nemen ze gerust een volledig baanvak voor de auto’s in bezit.

Rij je met de auto, dan ergeren ze je door in het midden van de baan te rijden om hun afgrijselijk dure fietsbandjes te sparen.

Ben je met de fiets onderweg, dan beginnen ze een halve kilometer op voorhand al te roepen dat je als recreatieve fietser uit de weg moet gaan, anders zouden ze – God beware hen – hun snelheid moeten verminderen of van hun baan moeten afwijken.

 

Nu moet er mij toch is iemand uitleggen waarom dit gedrag standaard lijkt voor de amateur wielercoureurs.

 

Ofwel zie je ze in colonne voorbij fietsend, met allemaal hetzelfde pakje aan, en ondertussen evenveel plaats innemend als een bus.

 

Passeer je even later aan het lokale dorpscafé, dan staan hun fietsen netjes op een rij en palmen ze het terras in van de dorpskroeg.

Dat zal die intensieve training zijn zeker, waar ze zo’n dorst van krijgen?

 

Is het dat misschien?

Iets dat enkel ingewijden weten in het amateurwieltercoureurswereldje?

Misschien is het wel een constante race om om het eerst in de volgende kroeg te zijn?

 

En waarom die spannende pakjes in snoepgoedkleurtjes?

Hebben ze die niet in deftige kleuren? Zwart bijvoorbeeld, of donkergrijs? Zelfs marineblauw is een optie. Maar fucia en fluogeel? Wat is daar esthetisch verantwoord aan?

 

Natuurlijk hebben ze het recht om te fietsen, maar andere mensen hebben dat recht ook.

Ze moeten andere fietsers niet verdringen naar de uithoek van de fietsbaan om zelf alle ruimte te hebben om voorbij te racen.

 

Rijden ze op de weg, dan moeten ze de wegcode respecteren en langs de rand van de weg rijden, niet in het midden van de baan.

Ze houden het verkeer op, zijn vreselijk asociaal, en zorgen voor een gevaarlijke verkeerssituatie.

 

Ik droom er zelfs van, van die wielerterroristen.

Ik droom dat ik met de auto aan het rijden ben, en plots, daar verschijnt hij dan, Meneer de Onbeschofterik.

Dan droom ik dat ik met een Mercedes rijd, zo eentje met een vizier op vooraan.

Plots veranderd mijn blikveld naar een scherm, zo eentje dat je te zien krijgt als je pc-spelletjes speelt.

Hoe heet dat spelletje ook alweer? Het spelletje waarin je met een raceauto zoveel mogelijk slachtoffers moet maken?

 

Wel, als ze in dat spelletje een horde wielerterroristen plaatsen, dan zal ik het spelen.

Een voor een zal ik ze mollen.

Dat zal ze leren, de arrogante, associale, mislukte beroepscoureurs.

 

Tot zover komt het dan, ik, een pacifist tot en met… Die zulke uitspraken doet.

 

Blijkbaar kent mijn passiviteit grenzen.

 

Weeral een beetje meer zelfkennis en bijgevolg een stapje dichter bij de wijsheid.

 

(Zelfkennis is immers het begin van alle wijsheid)

19:54 Gepost door Aglaia in Mijn gedachtenkronkels | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

Commentaren

Bike Know the feeling
ik heb er ooit es aan mijne brommer zien hangen terwijl ik aan t rijden was (plezant zo ene da ge ni kent)
Een wereld met alleen brave fietsers ipv wielerterrosisten zaligg

Gepost door: Rozemarijn | 15-03-07

een beetjen op u gemak e, of kzal kik u ne keer omverrijden, scheef mens, niets tegen coureurs e

Gepost door: Christophe | 28-05-07

Reactie op Christophe Daarmee bevestig je mijn stelling dat de zogenaamde wielertoeristen eigenlijk wielerterroristen zijn.
Bedankt Christophe, je bevestigt met je commentaar alles wat ik ooit al negatief dacht over die terroristen.
Leer verdraagzaam zijn en heb respect voor de medebewoners van deze aarde, en dan wordt het hier een stuk aangenamer om te leven.

Gepost door: Aglaia | 02-06-07

haha Groot gelijk

Gepost door: Kristin | 26-06-07

De commentaren zijn gesloten.