08-03-07

Afscheid

Afscheid nemen,

 

Het was moeilijk om afscheid te nemen van jou.

Beseffen dat we nooit nog je aanstekelijke lach zouden horen.

Weten dat ik verder moet leven zonder jou, zonder onze conversaties.

 

Weten dat ik nooit nog je mooie ogen zou kunnen aanschouwen, niet meer in je haar kan strelen, beseffen dat ik me nooit meer in je armen kan verstoppen voor de grote boze wereld…

 

We hebben toch wat beleefd samen, geen moment ervan zou ik willen ruilen, geen moment ervan zou ik willen missen. Ieder moment dat we samen waren, is een moment dat ik koester.

Onze tijd samen was veel te kort.

 

Waar zouden we nu staan?  Zouden we onze dromen verwezenlijkt hebben?

 

Weet je, ik voel me schuldig, schuldig dat ik degene ben die verder gaat. Ik zou degene moeten geweest zijn die gestorven is die dag.

Jij was degene met de grote dromen, de sterkste van ons twee.

Je had nog zoveel te doen, nog zoveel te zeggen, nog zoveel te bereiken.

We hadden nog zoveel plannen.

 

Het is moeilijk om te beschrijven hoe groot het gat is dat je achtergelaten hebt, immens groot.

Je invloed op mij was onbeschrijfbaar. Dankzij jou zijn mijn ogen open gegaan, dat ik de verkeerde weg aan het bewandelen was.

Ik probeerde zo hard om te voldoen aan de wensen van de maatschappij, van de leraars, van mijn familie. Jij zei me dat ik mezelf moest zijn, opkomen voor mijn geloof, mijn idealen, mijn mening.

 

Na al die jaren denk ik nog dagelijks aan jou, hoe je zou gereageerd hebben op een situatie, hoe het leven nu voor jou zou geweest zijn,…

 

Hoe zou het nu met je gaan? Ik weiger te geloven dat het stopt als je sterft.

Ik geloof dat je ziel er nog ergens is, die goedheid kan niet zomaar verloren gegaan zijn.

Je was wijs voor je leeftijd, zoveel wijzer dan een doorsnee 17-jarige.

 

Onze gesprekken gingen dan ook nooit over dingen die pubers normaalgezien moet bezig houden, wij hadden andere dingen te bespreken.

 

Ik zou er alles voor geven om je nog een keer te zien, vast te houden, nog is je stem te horen.

 

Maar ik trek me recht aan de hoop dat ik je ooit nog is zal zien, het moment dat ik sterf.

Ik stel me voor dat jij op me staat te wachten en dat het dan verder voor ons gaat.

 

Ik tel de dagen af tot ik terug in jouw nabijheid kan zijn.

Wanneer, dat weet ik niet, maar ik weet dat die dag er ooit komt.

 

Ik had nooit gedacht dat ik het zou kunnen, leven zonder jou, maar ondertussen zijn we bijna 8 jaar verder, en ik hou nog steeds vol.

Dag voor dag sleur ik me door dit leven, met in mijn achterhoofd de hoop dat ik je ooit nog zie.

 

Ik geloof dat je me ziet, ik geloof zelfs dat je me leidt op momenten dat ik mijn weg kwijt ben. 

 

Toch zorgt al dat geloven er niet voor dat ik geen pijn meer heb.

Deze pijn is zoveel erger dan welke fysieke pijn ook.

Maar ik klaag niet, ik ben blij dat ik je heb gekend. De wereld was ineens zo veel mooier door jou.

 

Had je me vandaag exact 8 jaar terug gezegd dat ik enkele maanden later zonder jou verder ging moeten, dan had ik je nooit geloofd, ik had het zelfs niet voor mogelijk gehouden dat ik zonder jou zou kunnen leven.

 

Je was mijn alles toen je leefde, nu ben je een engel die op mij neerkijkt.

00:28 Gepost door Aglaia in Mijn gedachtenkronkels | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

mooi Mooi gezegd
Mercikes voor het 1001E BEZOEK
mijn mysterieuze 1000e heb ik ni gevonden

Gepost door: kristin | 10-03-07

De commentaren zijn gesloten.